Dolfje en zijn Vrienden

De hele Familie

Dit is de hele familie van Dolfje: Pa, Ma, Timmie, Noura, Opa en Leo. En dan is er ook nog Valentijn, een vampier die Dolfje af en toe tegenkomt.



Pa

‘Was ik Dolfje maar. Een weerwolf zijn, lijkt me geweldig.
Lekker anders. Dan kun je rondrennen in het bos,
op muren klimmen en huilen naar de volle maan.
Maar Dolfje wil me niet bijten. Jammer, jammer, jammer!’

Ma

‘Voor mij was Dolfje altijd al een bijzonder kind.
Ook toen hij nog geen weerwolf was. Ik zou hem niet willen missen.
Nu moet ik alleen een rauw biefstukje klaarleggen als het volle maan is,
zodat hij geen kippen vangt. Verder blijft hij gewoon mijn Dolfje.’

Timmie

‘Dolfje is mijn beste vriend. Sinds zijn derde jaar woont hij bij ons.
Toen Dolfje wilde weglopen, heb ik zijn geheim aan mijn ouders verteld.
Papa had gezegd dat hij wel een bijzonder dier wilde hebben.
Een weerwolf leek hem helemaal apart. Nou, dat kwam goed uit!’

Noura

‘Dolfje zit bij mij in de klas. Eerst viel hij niet zo op.
Maar dat hij tijdens gym supersnel in de touwen vloog, vond ik zo stoer!
Ik ben heel blij dat hij me per ongeluk heeft gebeten.
Het is heerlijk om een weerwolfje te zijn!’

Opa Weerwolf

'Een jonge weerwolf als Dolfje moet nog veel leren.
Als weerwolf komt hij vaak in de problemen.
Hij valt in het water of zit gevangen in een weerwolvenklem.
Het is maar goed dat zijn vriendje Timmie op hem let.’

Neef Leo

‘Leo ist blij met zijn eigenste kleine neefwolfje.
Maar Leo hadst Dolfjewolfje bijna opgevroten.
Opa weerwolf boos. Leo schaamdste zich.
Nu helpst Leo neefwolfje. Als Leo niet zelf in een net komtst.’

Valentijn

'Dolfje heeft altijd geluk.
Hij heeft familie en vrienden en Noura, het leukste vriendinnetje dat er is.
Wat zou ik graag in haar hals bijten. Dan werd ze ook een vampier, net als ik.
Maar Noura is al een weerwolf. Ik heb dus altijd pech.
Een vampier heeft geen vrienden. Nou, ik ben weer weg.
Kijken of ik iemand kan bijten. Doei!’